Oorzaakvraag
Een vraag naar waarom iets gebeurde in de werkelijkheid die de tekst beschrijft — de oorzaak die de tekst zelf noemt.
6 van onze B2-leesvragen. De vraag luidt Waarom …?, Wat houdt … tegen? of Wat noemt de tekst als de eigenlijke aanleiding? Hij lijkt op een argumentatievraag, die ook met waarom begint — maar Waarom noemt de auteur X? vraagt waarvoor een zin dient, terwijl Waarom daalde de nota? vraagt waardoor iets gebeurde. De moeilijkheid: B2-teksten noemen de oorzaak die mensen aannemen, ontkennen die, en geven pas dan de echte. De ontkende oorzaak is altijd een optie.
Hoe het examen dit toetst
Lezen van Programma II: ongeveer 35–36 meerkeuzevragen over zo'n 6 teksten in 100 minuten, computergecorrigeerd. Bij oorzaakvragen komen de foute opties uit drie bronnen: de oorzaak die de tekst uitdrukkelijk uitsluit (niet onwil, niet een besparing); een oorzaak die in de echte wereld logisch is maar niet in de tekst staat (de koning beval het, een nieuwe belasting); en een feit in de buurt dat een gevolg of bijzaak is in plaats van de oorzaak. De juiste optie is de oorzaak uit de tekst, meestal in andere woorden, en vaak langer dan de rest omdat het mechanisme erin blijft.
Wat is er mis met deze zin?
Onwil om te veranderen
Veel kandidaten schrijven het precies zo en verliezen het punt zonder te weten waarom.
De rest van deze les
De regel, de uitgewerkte voorbeelden, de uitzonderingen en wat u in het examenlokaal doet openen met Mastery, samen met alle andere lessen voor dit examen.
Bekijk de pakketten