Slaagkans

De eerste 4 lessen zijn gratis. De rest opent met Mastery.

Er

Eén klein woord met vier verschillende functies, en geen ervan laat zich vertalen.

Inhoud

1.Wat het is

Er heeft in de meeste moedertalen geen equivalent, en daarom wordt het of helemaal weggelaten of willekeurig rondgestrooid. Het doet vier losse dingen: het opent een zin over bestaan, het vervangt een plaats, het draagt een aantal, en het plakt aan een voorzetsel om een ding te vervangen. Aan het woord zelf zie je niet welke functie er loopt; alleen de zin eromheen laat dat zien. Weglaten verandert zelden de betekenis en laat het Nederlands altijd als een vertaling klinken.

2.In beeld

?Er is/zijn — bestaanIk werk er — plaatsIk heb er twee — aantalIk denk eraan — voorzetsel
Vier functies, één woord. De zin vertelt je welke.

3.Hoe het examen dit toetst

Schrijven, waar het de duidelijkste markering van natuurlijk Nederlands is. De zinstaken geven je zinsbegin dat er nodig heeft en zonder er niet idiomatisch af te maken is, en twee beoordelaars lezen het resultaat als geheel en niet als afvinklijst — een tekst zonder er leest als vertaald, ook als elk woord klopt. Bij Lezen bijt vooral de voorzetselvorm: eraan, ermee en erover wijzen terug naar iets dat eerder gezegd is, en wie de verwijzing niet volgt raakt de draad van de alinea kwijt.

4.De regel

Er is een probleem met mijn bestelling.
Bestaan. De zin kan niet met een probleem beginnen; er houdt de plaats vooraan bezet.
Ik werk er al drie jaar.
Plaats, in de plaats van een locatie die al genoemd is. Het vervangt daar als de plaats bekende informatie is.
Ik heb er twee nodig.
Aantal. Bij een hoeveelheid zonder zelfstandig naamwoord is er verplicht, niet optioneel.
Ik ben er niet tevreden over.
Voorzetsel. Waarover? Over iets wat al genoemd is. Er en het voorzetsel mogen door de zin heen gesplitst worden.

5.Voorbeelden

  • Er zijn veel mensen die dezelfde klacht hebben.

    Zijn veel mensen die dezelfde klacht hebben.

    De er van bestaan, met een relatieve bijzin erachter — een normale B1-openingszin voor een klacht.

  • Ik heb uw brief gelezen en ik ben het er niet mee eens.

    Ik heb uw brief gelezen en ik ben het niet mee eens.

    Er splitst van mee en beide blijven in de zin staan. Er hier weglaten levert een zin op die geen Nederlander zou schrijven.

  • Ik denk er nog over na.

    Een compleet, natuurlijk antwoord op een vraag waar je tijd voor nodig hebt — en een handige zin om klaar te hebben voor de short-taken.

6.Uitzonderingen

  • Uitzondering 1

    Er krijgt nooit klemtoon. Wil je naar een specifieke plaats wijzen, gebruik dan daar: Daar werk ik, niet Er werk ik.

  • Uitzondering 2

    Als er al iets anders vooraan staat, schuift de er van bestaan achter het werkwoord: Vandaag is er geen les.

7.Let op

  • Er weglaten omdat de zin ook zonder klopt. Dat klopt, en hij leest als een vertaling, en dat is precies wat de schrijfbeoordelaars zien.
  • Er gebruiken waar daar hoort, in een zin die naar een plaats wijst in plaats van ernaar terugverwijst.
  • Eraan of erover in een tekst lezen zonder terug te gaan om te zoeken waar het naar wijst, en dan de vraag over het dichtstbijzijnde woord beantwoorden.

8.In het examenlokaal

Leer vier hele zinnen uit je hoofd, één per functie, en grijp bij het schrijven naar het patroon in plaats van naar de regel. Er is een probleem met, Ik werk er al, Ik heb er twee nodig, Ik ben er niet tevreden over dragen elk in hun eentje een zinstaak. Kom je in een tekst eraan, ermee of erover tegen, stop dan en benoem hardop waar het naar wijst voordat je verder leest; kun je het niet benoemen, dan staat het antwoord op de vraag in de zin ervoor.

Bestaan, plaats, aantal, voorzetsel — vier functies, één er.

Oefen dit onderdeel